Skye: pech of geluk?

Geluk of pech?

Vorige week trokken we met Hiking Advisor naar het Schotse eiland Skye. We zouden er 7 dagen gepakt en gezakt een rondwandeling maken door de bergen. Nog voor het vertrek liet een pijn aan mijn linkerschouder zich gelden. Geen idee wat er de oorzaak van was en al evenmin wat het precies was. Bij aankomst in Skye lichtte ik meteen de tochtverantwoordelijke in. De eerste dag ging het nog prima. De tocht verliep normaal. Wel verschoten we van het goede weer. Voor dat weer wilden we gerust tekenen, zoals het spreekwoord luidt. Wanneer de schouder goed ingesnoerd zat, viel het allemaal heel goed mee. Een beetje stijf, meer niet.

’s Avonds hadden we amper onze tenten opgezet, of het weer kantelde abrupt. We kregen harde wind en vlagen regen. ’s Nachts kon maar één lighouding me wat ontspannen nachtrust bezorgen. ’s Morgens deed mijn schouder een pak meer pijn, maar het ging nog. Zeker ook tijdens het wandelen had ik er geen last van. Aanvankelijk toch niet, want na verloop van tijd begon het toch veel energie te vragen. Op een bepaald moment moesten anderen mij helpen om de rugzak deftig te omgorden, en verkleinde de bewegingsratio van mijn linkerarm enorm. Met zo’n schouder was het onverantwoord verder te gaan. Hoe meer de tijd vorderde, hoe minder goed het ging. Tot ik vaststelde dat ik op minder dan 50% van mijn normale energiepijl aan het wandelen was. Zodra er een uitwijkmogelijkheid was, zou ik die nemen. Omdat het weer voor iedereen nogal guur begon te worden, besloot de hele groep naar beneden te gaan en de volgende dag af te wachten. In de jeugdherberg was geen plaats meer, waardoor we de nacht in onze tenten moesten doorbrengen op het grasveld aan de baai. Ook deze nacht stak er een felle wind op en regende het ferm. Mijn schouder zat de dag nadien vaster dan ooit tevoren en deed pijn. Maar het schoudergewricht bewegen ging zonder probleem. We dachten aan problemen met de ligamenten.

Met drie deelnemers bleven we een extra nacht beneden, in de jeugdherberg. De warme douche ’s avonds deed goed en ik merkte dat het ook goed deed aan de schouder. Zou het dan gewoon serieuze verkramping zijn? Om de proef op de som te nemen, gaf mede-hiker Peter me pijnstillers en een verwarmende, ontspannende zalf. En oh ja, dat deed enorme deugd! Hoewel ik ’s nachts nog altijd maar in één lighouding comfort vond, heb ik wel geslapen. De dag erna kocht ik in de apotheek pijnstillers en een gelijkaardige zalf. Vanaf dan kreeg de schouder driemaal daags een behandeling van warm water en zalf. De tocht zat er voor mij weliswaar op, wat ik verdomd spijtig vond, maar doorgaan zou absoluut onverantwoord geweest zijn. Op het programma stonden immers een aantal passages waarvoor beide armen absoluut nodig waren. Als je dan op voorhand weet dat je beperkt bent, kan je het je groep niet aandoen koppig mee te gaan. Dat heet je verantwoordelijkheid opnemen. Tegenover jezelf en tegenover de groep. Het groepsbelang gaat altijd voor op zo’n tochten.

Met spijt in het hart zag ik de rest vertrekken. Uiteraard heb ik me de rest van de week niet verstopt. Integendeel, het werden dan maar dagwandelingen tot ergens 26 kilometer, zonder rugzak en telkens met een leuke tussenstop. In de jeugdherberg had ik het aangename gezelschap van een Schotse privégids, een Duitse dagwandelaar en een Engelse kerel op zoek naar mentale rust. Toegegeven, we hebben een goede tijd gehad samen. Veel gelachen en toch ook serieus gepraat. Ondertussen zat de groep in mijn hoofd: waar zouden ze zijn, welk plezier zouden ze aan het beleven zijn, enzovoort. Maar dan viel mijn gsm uit. Die deed niets meer.

Op de laatste dag, een vrijdag, nam ik dan de bus terug naar Inverness, waar we op zaterdag de vlucht naar Schiphol moesten nemen. Maar aangezien elke mogelijkheid tot contact met de rest van de groep weggevallen was, was het afwachten waar en wanneer we elkaar zouden weerzien. Om op zeker te spelen, begaf ik me naar de hostel. Gegarandeerd moest de rest daar verschijnen. Ik was er amper een half uur of daar waren ze!

Hun verhalen maakten indruk op me: storm, rukwinden alsof er een straaljager boven hun hoofden passeerde, mist, regen, “het zwaarste wat ik ooit heb meegemaakt”, “gogorra”, hard, vermoeiend, uitputtend, gevaarlijk, twee keer door rivieren moeten waden, geen plaats om de tenten recht te zetten, geen mogelijkheid om de haringen in de grond te steken, enzovoort enzovoort… Maar niemand gekwetst, en geen schade aan het materiaal. Iemand bevestigde: goed dat ge met uw schouder niet meegekomen bent, dat zou echt niet te doen geweest zijn. Doodop waren ze, onze avonturiers. Wandeldagen van 12 uur. Werken, tegen de wind en de regen in. Fier op zichzelf ook, en vooral ook onder de indruk van het verantwoordelijkheidsgevoel van iedereen en van de tochtverantwoordelijke in het bijzonder. Respect voor elkaars moed en volharding. En respect voor mijn pech.

Maar heb ik nu pech gehad, of geluk. Stel je voor dat ik wel was meegegaan. Uit ego, uit “ach, het zal wel gaan” of uit welke reden dan ook. Hoe zou het dan verlopen zijn? Met mezelf, en met de groep uiteraard. Dat zullen we nooit weten, maar als ik de verhalen zo hoorde, dacht ik “jee, heb ik geluk gehad dat ik zo verstandig geweest ben af te haken met die schouder, hoe jammer ik het verder ook vind”.

Pech en geluk. Het leunt dicht bij elkaar aan. In pech zit de kiem voor geluk en in geluk zit de kiem voor pech. Wanneer het ene zijn uiterste bereikt, slaat het om in zijn tegendeel. Dat is yin en yang.

Tai chi en hitte in Zweden

Tai chi en hitte in Zweden

Eind vorig academiejaar had ik even schoon genoeg van studie en theorie. Mijn hoofd zat vol. De namen van de punten bij de kindertuina, de protocols bij de medische qi gong…. Het ging er allemaal niet meer in. Ook al was mijn, en is, mijn interesse even groot en was ik snel weg met de benamingen, principes, filosofie en alles wat er bij traditionele Chinese geneeskunde (TCG) komt kijken. Op dat moment zei mijn hoofd “stop” en verlangde heel mijn lichaam vooral naar rust, ontspanning en beweging. In de zomer wilde ik graag gaan trainen bij een meester. Op advies van Jan en Vic, onze docenten Medische Qi Gong bij het OTCG (Opleidingsinstituut voor Traditionele Chinese Geneeskunde) zocht ik informatie over Master Wu in Zweden. Op zijn site stond een Tai Chi-seminarie aangekondigd in het eerste weekend van juli, niet ver van Stockholm. Dat leek me dan ideaal en aangezien Zweden een mooi land is om te gaan hiken, koos ik er voor om na het seminarie de Bergslagsleden te wandelen, een trail van 17 dagen.  Niet alles is verlopen zoals gepland en gedroomd, maar soms is bewust iets niet doen, de juiste keuze.

Het seminarie van Master Wu was een voltreffer. Een prachtige locatie, vol rust en frisse energie. Een kleine, toffe groep toegewijde mensen. Master Wu is een aimabele man. Veel van zijn uitspraken deden me meteen denken aan de manier waarop Yves Verbeeck van Inner Motion ons Tai Chi traint, en dat maakte me blij. Te merken dat er overeenkomsten waren, bedoel ik dan. Ik heb op die drie dagen veel bijgeleerd. Zowel op vlak van beweging, verdieping van ontspanning als op intellectueel vlak. Plots was de I Ching duidelijker, begreep ik waarom de volgorde van de trigrammen in een kinderhand verschillen van de volgorde in de I Ching en vielen nog een paar puzzelstukken op hun plaats. Waaronder een aantal spiralen die ik moet zien te doorbreken om vooruit te geraken op mijn pad. Zijn boeken zijn pareltjes: Seeking the Spirit of The Book of Change, bijvoorbeeld. “The Book of Change” is de I Ching, vaak vertaald als “Het boek van veranderingen”. In zijn kritische beschouwing geeft Master Wu een andere zienswijze om met de I Ching te werken. Aangevuld met de acht basisvormen van de Tai Chi volgens de Hidden Immortal Cultivation Lineage en een Gongfu Thee Ceremonie. Dat maakt de studie heel aangenaam. Kennis van de Chinese traditionele filosofie is wel een vereiste om het boek te snappen: de trigrammen, de 5 transformaties, taoisme, numerologie… het komt allemaal aan bod. Een ander boek, Fire Dragon Meridian Qi Gong, biedt oefeningen om van binnenuit harde schokken te verwerken. Verlies van geliefde en trauma’s, bijvoorbeeld. Waarom een draak? Omdat een draak een symbool van verandering is in de Chinese cultuur. De lessen Medische Qi Gong komen hier goed van pas: kennis van de meridianen en principes van stagnatie, balans en ademhalingstechnieken zijn heel zinvol.

Voor mij was dit seminarie het juiste op het juiste moment, omdat heel wat opgedane, theoretische kennis herkenbaar terugkwam in praktische oefeningen en handelingen. En omdat hij getoond heeft hoe heel wat van de literatuur en teksten die ik de voorbije jaren bestudeerd heb, een praktische veruiterlijking krijgen, in en door de Gungfu Thee Ceremonie, bijvoorbeeld. Aangevuld met de principes van leegte, ontspanning, vitaliteit en energie zoals Yves het ons elke week herhaalt, kwam voor mij bij Master Wu alles samen. Dat was dus een voltreffer waar ik op verder bouw. En precies daarom kies ik er voor om het volgende academiejaar, 2018-2019, bewust géén nieuwe cursus te starten, ook niet bij het OTCG, maar om een jaar te trainen in ontspanning en verdieping van mijn Tai Chi en Qi Gong. Ik heb beslist om bij één leraar te trainen en diens methode consequent te trainen. Wel wil ik in januari het seminarie meemaken dat Master Wu in Antwerpen komt geven bij het OTCG. En ik wil ook in september 2019 de weektraining gaan volgen in Zweden. Daar kijk ik naar uit!

Na het seminarie begon mijn 17-daagse trail. Ik had me goed voorbereid: in mijn rugzak had ik voeding mee voor 9 dagen. Op de negende dag zou ik toekomen op een camping in Annaboda en het pakket met voeding voor de tweede helft had ik daar naartoe gestuurd. Het enige wat ik nu moest doen, was op mijn gemak de etappes afleggen. De afstanden waren op zich niet bijzonder gek: tussen 9 en 22 kilometer, en het pad was perfect gemarkeerd. Kaart, kompas en gps waren overbodig. Maar ik had het toch onderschat op een aantal vlakken: het pad was op veel plaatsen zo volgroeid dat er amper een pad te zien was. Hoe vaak ik mijn enkels heb omgeslagen de eerste dagen, heb ik niet bijgehouden, maar voldoende om na de zoveelste keer voor heel het gebied bijeen zodanig hard te vloeken dat ik er zelf van verschoot. Het verbaasde me enorm, maar het was onmogelijk om echt tempo te maken, waardoor ik amper aan 2,5 kilometer per uur vorderde. Terwijl er helemaal geen sprake was van enorme hoogteverschillen. Stel je even voor: ik vertrok ’s morgens om 5 uur, half zes, en kwam soms pas aan rond 19 uur, zonder al te lange pauzes. Dat is wel heel lang voor die korte afstanden. Wat ook niet hielp, was de stekende hitte. Elke dag opnieuw, van half zes ’s morgens tot ergens 23 uur ’s avonds constant zon, warmte, hitte en warmte. Op de derde dag was ik zo aan het zweten, en had ik het zelf zo warm, dat niets de insecten van me kon weg houden. Geen enkel insectenwerend middel was goed genoeg. Natuurlijk was er gewaarschuwd voor die beestjes, en aanvankelijk viel het allemaal wel mee. Die dag leek me eerder een uitzondering. Hoewel, het pad was eentonig, redelijk saai en te traag naar mijn goesting. Na de derde dag begon ik me al te vervelen, moet ik toegeven.

Maar dan kwam het eerste trieste nieuws: de hitte is uitzonderlijk, minstens 10 graden warmer dan normaal, en die zou nog een tijd aanhouden. Precies het gebied waarin ik wandelde, kreeg als eerste de rode kleur, wat duidde op extreme hitte en droogte, en dus een verhoogd risico. Dan kwam het tweede trieste nieuws: er waren bosbranden uitgebroken, waarvan sommige blijkbaar aangestoken. En nog even later kwam het derde trieste nieuws: het was verboden om, op welke wijze dan ook, vuur te maken in de Zweedse natuur. Aanvankelijk enkel in de regio rond Örebro en Stockholm, later over heel Zweden. Ook koken met gas werd verboden. Ook op campings! Hierdoor werd ik de facto de pas afgesneden. Want ja, ik wilde echt niet verantwoordelijk zijn voor een bosbrand. En ik wilde ook niet ergens liggen slapen en verrast te worden door een brand. Hoe graag ik ook de trail wilde verderzetten, de synchroniciteit van verschillende aspecten, deden me er toe besluiten om de tocht te staken en me op een camping te installeren in de buurt van Stockholm, zodat ik ergens naartoe kon als ik daar zin in had.

Maar het was zo heet, en ik had zo’n overdosis zon en hitte binnengekregen, dat ik het niet meer verdroeg. ’s Morgens nam ik de metro naar het centrum van de stad, om een paar uur in het theatergebouw te gaan zitten. Daar was het rustig en koel. Zo kon ik nog wat bijslapen. Drie keer per dag ging ik in een winkel juist voldoende kopen voor ontbijt, lunch en avondmaal. Of als ik zin had in een stuk fruit, kocht ik juist dat stuk fruit. Op de camping was er één plek die de hele dag door schaduw had. Daar bracht ik de namiddag meestal door. Vaak in het gezelschap van toevallige passanten, waaronder een Fries die al jaren in Noorwegen leefde en deel uitmaakte van een Noorse folkdansgroep, of een professor van een volksuniversiteit in Colombia. Het komt er op neer dat ik anderhalve week zo goed als niks gedaan heb: ik moest nergens naartoe, verwachtte niks of niemand, hoefde niet in te pakken en hele dagen te wandelen, gewoon niks. Een beetje lezen, wat kuieren, rusten, ontspannen… Wat rondhangen en laten gebeuren wat er gebeurde. Waardoor er soms leuke gesprekken ontstonden. Ook op de metro, bijvoorbeeld met een vrouw en haar dochter van een jaar of zes. Dat was connectie en liefde op het eerste gezicht vanwege dat kind naar mij toe. Heel indrukwekkend… Ik heb er nog steeds spijt van dat ik afgestapt ben in plaats van verder te praten met de moeder. Dat beeld en dat gevoel zitten nog steeds in mijn lijf.

Wanneer mensen me vroegen hoe het geweest was in Zweden, vond ik het eerst niet gemakkelijk om een goed antwoord te geven. Ik had enerzijds niet kunnen doen wat ik gepland had en de trail was tegengevallen, maar anderzijds heb ik geweldige training gehad van Master Wu en was ik volledig uitgerust. Alles in overweging genomen, heb ik een geweldige tijd gehad in Zweden, en ik zou zeker teruggaan. Alleen niet opnieuw naar Bergslagsleden en in de hoop dat het tien graden koeler is de volgende keer.

Terugblik op Boirs

Terugblik op Boirs

Van maandag 20 tot en met vrijdag 24 augustus werden 10 mensen opgeleid tot natuurcoach door drs. Yoke de Wilde van Smaragd Coaching. In ’t Sjetootje, in Boirs, niet ver van Tongeren. Omdat ik deze opleiding enkele jaren terug heb genoten, bood ik me aan als assistent. Eigen lof stinkt, luidt het gezegde. Laat het gerust stinken. De hele week is in alle opzichten ronduit een succes geworden. Een terugblik.

Eerst wil ik herhalen dat het heel belangrijk is dat een natuurcoach duidelijk maakt hoe hij of zij “natuurcoaching” invult en vanuit welke filosofie hij of zij werkt. Zeker wanneer het gaat om een opleiding tot natuurcoach. Dan moeten mensen goed weten waarin ze opgeleid worden. De natuurcoaching zoals Yoke de Wilde het invult, heeft precies tot doel om iemands innerlijke wijsheid (opnieuw) te laten stromen en te laten groeien. Om iemand vertrouwen te geven in de eigen wijsheid, die te respecteren en dus ook zorg te dragen voor zichzelf. Op die manier is natuurcoaching een vorm van persoonlijke ontwikkeling en van empowerment. Tegelijkertijd is het een training in het loslaten van belemmeringen en in connectie maken met de natuur. Met de bomen, de planten, de dieren… De precieze rol van de natuurcoach beperkt zich dan tot het begeleiden van iemand in zijn of haar proces, zonder het te sturen en zonder er over te oordelen. Wat zorgt voor een veilige setting waarbinnen elkeen ongedwongen meer en meer zichzelf durft te zijn. Het gaat ook over zorg dragen voor elkaar: die veilige haven om te pauzeren, te vloeken, te huilen, te lachen en waar alle emoties ok zijn. Ook boosheid en teleurstelling. Er is ook een heuse cultuurshock: van misschien knorrige en onderdanige ja-knikker, naar een blije, meer en meer zelfbewuste persoonlijkheid (die overigens altijd al binnenin aanwezig was). Yoke was als trainer uiteraard de leider, in haar houding stond zij daar niet als juf met leerlingen, of als chef met een persoonlijke medewerker. In de ommegang waren we gelijkwaardige mensen onder elkaar. Wat zo hoort te zijn, maar daarom is het nog niet vanzelfsprekend.

De bron, of beter de bronnen van deze natuurcoaching, liggen in de natuurlijke wijsheid van indianen, kelten en aboriginals, van vroeger en nu. Een andere bron is, uiteraard, de eigen innerlijke wijsheid en ervaring van de trainer. Van Yoke dus.

Het is belangrijk dit te weten, omdat het anders heel moeilijk is voor een buitenstaander om in te schatten wat de deelnemers aan het doen zijn. Het gaat, kortom, om een brede waaier aan aspecten die allemaal samen zorgen voor persoonlijke ontwikkeling. Synchroniciteit, heet dat. Er hing een positieve sfeer die ik nog vaak heb waargenomen. Het ging zo goed als allemaal als vanzelf. Een paar voorbeelden: Yoke en ik waren op elkaar afgestemd zonder dat we daarover op voorhand echt afspraken hadden gemaakt. De relatie met de deelnemers groeide elke dag en de deelnemers zelf groeiden ook elke dag. Er werd meer en meer vrolijk en ongedwongen gelachen. Sommigen straalden van blijheid. Het ontbijt en het middagmaal, voorzien door Karel en Lucie, de sympathieke eigenaars van ’t Sjetootje, waren overheerlijk: iedereen keek uit naar hun kunsten.

Lijkt dit nu allemaal op een “goednieuwsshow”? Dat is het allerminst. Het is een beschrijving van wat positieve energie, wederzijds respect, mildheid en bewust handelen, doen met een mens, ongeacht de rol die hij of zij op dat moment speelt. Verwondering is een woord dat voor elk van ons gold. Natuurlijk waren er zaken die anders konden, “beter”, en dat is voor een volgende keer om uit te proberen.

Voor mij is het duidelijk dat de training zelf er stevig staat. Dat de methode zeer effectief is en mensen vooruit helpt op hun pad. Dat mensen op een week tijd ferm kunnen groeien. Dat er haast een andere wereld opengaat voor hen. Het sterkt mij in de overtuiging dat blij zijn, gezond zijn, ontspannen zijn, allemaal natuurlijk zijn, en dat niet blij zijn, ziek zijn en vol stress zitten, niet bij de mens horen.

Ook ikzelf ben gegroeid de voorbije week. Als coach, als therapeut, als mens ook. De rol van assistent heeft me verrijkende inzichten en inspiratie bezorgd. Meer vertel ik er bewust nu niet over. Dat komt wel op de juiste momenten. Sommige puzzelstukken vielen op hun plaats door gewoon te zwijgen en te luisteren naar wat deelnemers vertelden over het pad dat zij zelf al afgelegd hadden of door hun tips en suggesties mee te nemen. En dat is zo mooi aan de mindset die er was, en die er ook is bij vele anderen mensen op zoek naar duurzaamheid, authenticiteit, waarachtigheid, liefde, verbinding…: de openheid om elkaar te waarderen, naar elkaar oprecht te luisteren, de tijd nemend, en het elkaar ook gunnen, waar er plaats is voor iedereen en ieders dromen. Dat geeft mij hoop.

En als jij, die dit leest, in jezelf een verlangen voelt om ook terug meer jezelf te zijn, om blij en stralend je weg te gaan, of om te ervaren en te voelen hoe dat allemaal gaat, weet dan dat je je kan komen trainen daarin.

Afrondend: ik vond het een succesweek. In alle opzichten. Ik dank Yoke, alle deelnemers, Lucie en Karel en ik dank iedereen die het mogelijk heeft gemaakt dat ik er bij kon zijn als assistent.

 

Training bij Elkar: www.elkar.be/training

Smaragd Coaching: www.smaragd-coaching.nl

't Sjetootje van Karel en Lucie: http://sjetootje.eu

Stabiliteit door nietsdoen

Stabiliteit door nietsdoen

De zengende hitte in juli dwong me mijn plannen serieus om te gooien. Zeker wanneer er plots bosbranden waren en er een verbod kwam om in open lucht vuur te maken, op welke wijze dan ook. Zweden werd Zweten. Bovendien was het pad zodanig onverzorgd, dat er op meerdere plekken geen pad meer was. Meer dan tien uur heb ik gedaan over een afstand van amper 20 kilometer. Omdat het bij elke stap uitkijken was. Hoe vaak ik mijn voeten heb omgeslagen, heb ik niet bijgehouden. Op zich was de route wel heel goed gemarkeerd. Je kon niet naast de bordjes en de tekens. Maar ik had geen zin om verantwoordelijk te zijn voor een bosbrand, en geld om boetes te betalen, heb ik niet. Kortom: te heet, te traag, te verboden, te vastgezet om per se de geplande weg te vervolgen.

Ik besloot wat af te wachten op de camping in Annaboda, halverwege te 17-daagse trail. Mocht het toch wat afkoelen, dan zou ik wel doorgaan. Maar er zat weinig verandering in het weer aan te komen. Daarom nam ik de bus naar Örebro, en van daar de trein naar Stockholm. In de Zweedse hoofdstad waren de temperaturen uiteraard van dezelfde hoogte. Heet! Van ’s morgens 5 uur al. Gelukkig stond de tent nog redelijk goed en was er nog een beetje schaduw in het zuiden en dook de zon achter hoge bomen in het westen. Maar toch was het veel te heet. Zodanig dat ik op een bepaald moment de zon en de hitte niet meer verdroeg. Dan nam ik heel vroeg de metro naar het centrum van Stockholm om een paar uur door te brengen in het rustige en koele theatergebouw, of zat ik uren op een bankje op een plek waar de hele dag schaduw viel. Vooral in de namiddag was dat een heerlijke plek om te zitten. Wat lezen, iets drinken, en vooral niets doen.

Nergens naartoe, niets dat moet gebeuren, niemand die ik verwacht en niemand die mij verwacht. Heerlijk niets doen. Dat bracht rust en zelfs stabiliteit in mijn dagelijkse bezigheden. ’s Morgens vroeg naar de winkel, die om 7 uur al opende. Ontbijt kopen en opeten (ik had immers niets om eten koel te houden). Naar het centrum van Stockholm om in het kalme en koele theatergebouw een paar uur bij te slapen. Stockholm verkennen via straatjes in de schaduw. Middageten en in de namiddag naar mijn bankje in de schaduw. Vaak was ik daar alleen en soms kwam er iemand bij zitten en hadden we een goed gesprek. Met bijvoorbeeld een professor uit Colombië, een Fries die verknocht is aan Noorwegen, deel uitmaakt van een Noorse folkdansgroep en onderweg was naar een folkfestival in Zweden. Over tai chi, over psychologie, over werken met jongeren en toekomstperspectieven bieden… Zo’n gesprekken had ik soms ook op de metro. Doorgaans naar aanleiding van de enorme openheid van kinderen naar mij toe. Hierdoor stelde ik vast dat het “niets doen” me heel goed deed en ik dus op een punt gekomen was waarop ik zodanig rustig en ontspannen was, dat het mensen begon aan te trekken, en dan vooral de spontaniteit van kinderen.

Tijdens het lezen passeerden er boodschappen die in dezelfde richting wezen. Bijvoorbeeld, er is zoveel kennis in de wereld dat het onmogelijk is om al die kennis te vergaren tijdens één mensenleven. Ontspan, relax en verdoe je tijd en energie niet aan almaar meer en meer kennis te willen vergaren van buiten uit. Een andere boodschap klonk: relax, je hoeft niet de hele wereld te zien en overal geweest te zijn. Rust zit niet in per se alles gedaan te hebben waar je van droomt. Rust zit in aanvaarden dat je gerust een hele tijd op dezelfde plaats blijft. Voor mij was het duidelijk: ik zat in een moment waarop niets doen, rust bewaren en niets forceren, primeerden. Wu wei. Het principe van wu wei kon niet duidelijker getoond worden. Wikipedia omschrijft het zo:

Wu wei is een grondstelling in het taoïsme dat een begrip inhoudt van weten wanneer wel te handelen (i.a.w. actief op te treden) en wanneer niet te handelen. De letterlijke betekenis van wu wei luidt: "niet doen". Het paradoxale begrip wei wu wei, "doen niet doen" of "handelen door niet te handelen", kan men interpreteren door het "niet handelen tegen de aard der dingen in" of "het handelen zonder gehechtheid aan het resultaat".

Het gaat helemaal niet over de dingen op hun beloop laten en achterover leunen. Het gaat over bewust handelen en bewust niet handelen.

Daarom heb ik beslist om minstens het komende jaar stabiliteit te brengen in mijn leven, met als centrale principe “wu wei”. Wat ik het komende jaar doe, moet rust en stabiliteit brengen. Op mentaal en fysiek vlak, maar ook financieel en sociaal. Een aantal keuzes heb ik al gemaakt. Nu is het aan mij om de nodige discipline aan de dag te leggen om de keuzes om te zetten in dagelijkse praktijk. Enkel dan kunnen rust en stabiliteit hun ingang vinden door wu wei.